Van 12 t/m 14 oktober vertrok een heldhaftige groep WTOSers per fiets naar Doetinchem. Zo’n kleine 100km verder kregen sommigen al last van bami, een enkeling noemde het zelfs bami speciaal. Maar strijdlustig peddelden ze verder. Het aantal huisjes werd steeds minder en de weilanden steeds uitgestrekter. En toen ze langzaam begonnen te denken; waar zijn we in godsnaam beland? zagen ze uiteindelijk in de verte een bordje ‘Doetinchem’ staan en gaf hun Garmin aan dat ze de 180km bereikt hadden. Ze konden hun geluk niet op, zeker niet toen ze zagen dat Mark en Pieter al vooruit gereden waren met een hele voorraad chips en cola.

De rest van de WTOSers reden per auto naar Doetinchem en kwamen ’s avonds aan. De Ooijmanhoeve bleek een zeer gezellige boerderij, rondom weilanden met paarden en in het midden van de boerderij een grote open haard. ’s Avonds werden er spelletjes gespeeld, op de bank gehangen en stevig gedronken. Stef had van tevoren 21 kratten bier ingeslagen, waarvan er op de eerste avond al 8 doorheen gingen. Je zou kunnen denken; al die WTOS’ers kunnen de dag daarna niet meer recht fietsen. Maar niets is minder waar; fris en fruitig zaten ze allemaal aan de ontbijttafel en sloegen de benodigde calorieën in voor de zware tocht die komen ging. Het was prachtig nazomerweer; volle zon, 27 graden, zacht verkoelend briesje; ideale omstandigheden voor een gezellig toertochtje. Een stuk of 5 groepjes fietsers vertrokken over zanderige grindpaadjes, waar het groepje crossers toch wel een voordeel hadden. Al na 200 meter begon de pret en kwamen we het eerste groepje tegen met pech: een lekke band. 500 meter verder lag plotseling de ketting van Anouck eraf. Dapper peddelden we verder in de richting van Duitsland. Maar nog voor we de grens goed en wel bereikt hadden, was er eerst nog een heuveltje bij Zeddam waar plotseling de derailleur van de fiets van Anouck af brak. De groep moest zich opsplitsen; de ene helft ging naar de fietsenmaker, de andere helft fietste verder. De lokale fietsenmaker kon zijn geluk niet op en beunde een derailleurpadje eigenhandig in elkaar, tot groots genoegen van de toekijkende WTOS’ers. Ook reden we een keer onbedoeld off-road: De weg was opgeheven. Maar wij WTOS’ers lieten ons niet uit het veld slaan en kropen door de greppel.

Even later kwamen we het eerste serieuze heuveltje tegen op de Peeskesweg (Red: lengte 1.1km, gemiddeld 4.5%). Onderweg kwamen we nog een keer de groep van Laurens, Mark, Thijs en anderen tegen met pech. Via de whatsappgroep kwamen er ook meerdere berichten binnen van andere groepjes met pech onderweg, waaronder een klapband bij Frank, ketting eraf en nog een lekke band. Het enige groepje dat ongeschonden door kon fietsen was het snelste groepje, misschien reden zij zó snel dat de kiezelsteentjes tijd te kort kregen om even lekker in die banden te prikken…

Voldaan keerden we allen terug bij de Ooijmanhoeve. ’s Avonds werd er door de kookploeg een pasta spinazie bij elkaar gebeund met een tikkeltje teveel zout; om het zouttekort na al dat gezweet weer aan te vullen zullen we maar zeggen. Na het eten liet Dick ons diep graven in ons geheugen en onze hersens kraken; een quiz over wielerlegendes, geografie en andere varia. Het team van Ruud, Robert, Rutger en Falko wisten de meeste punten te verzamelen en konden zich terecht homo universalis noemen.

Na de quiz gingen een groep WTOS’ers pokeren, anderen zaten gezellig en voldaan op de bank en anderen stonden elkaars fiets te bewonderen. De avond begon nogal rustig tot een groepje buiten in een veld een kampvuur begon te bouwen. Met een krat bier op schoot genoten we van de warmte van het vuur onder een prachtige sterrenhemel. Verhalen werden verteld en er kwamen zelfs ideeën op om Doetinchem in te trekken. Midden in de nacht vertrok een groepje naar het centrum van Doetinchem om te gaan stappen in 22/24. Ook werd er midden in de nacht nog pannenkoeken gebakken. Menig WTOS’er kroop pas zijn bed in rond de kleine uurtjes. En de kratten van Stef waren inmiddels bijna leeg.

De volgende ochtend zat iedereen met kleine gezwollen oogjes aan de ontbijttafel. Eieren en tosti’s tegen de kater. De vermoeide WTOS’ers kropen op hun fiets en reden dapper nog een rondje door de Achterhoek. Appeltaarten werden naar binnen gewerkt en er werd volop genoten van de laatste zomerdag van het jaar.

Voldaan konden we terugkijken op een supergezellig weekend in de Achterhoek, met vele kudo’s aan de organisatie. Het was een weekendje waar nog lang over zal worden doorgepraat. ‘Weet je nog die keer dat we allemaal materiaalpech hadden….?’